De boy uit je willen halen

Pronomina in de lyriek In gebarentalen werkt de wijzende vinger vaak als een persoonlijk voornaamwoord: de gebaarder zet de personen over wie ze praat eerst in de gebarenruimte voor zicht: Marieke staat links, Lucas staat rechts. In de rest van het betoog wijst ze dan naar de plek waar zij geplaatst zijn als ze het over hen wil hebben. In zekere zin werken pronomina altijd zo: ze verwijzen, maar vooral: ze bepalen samen de ruimte waarin je je het gesprek laat plaatsvinden. Tot een paar jaar geleden goldt dat vooral voor de tweede persoon: je verandert een gesprek als je van u overschakelt naar jullie. De laatste jaren ligt de focus ineens meer op de derde persoon. En niet iedereen bevalt de ruimte die de spreker definieert. Zo kreeg de dichter Marieke Lucas Rijneveld de afgelopen dagen ineens een storm van kritiek over zich heen toen hij verklaarde dat hij er voortaan de voorkeur aan gaf dat we naar hem verwijzen met hij en hem. Hij reageerde superieur op die kritiek, door in de Volkskrant een tegelijkertijd stoer en breekbaar gedicht te publiceren dat tjokvol veelzeggende pronomina is (de vette letters voor de persoonlijk en bezittelijk voornaamwoorden zijn van mij): Vrij van beren Ik ben bijna in alles heldhaftig geweest: in met de kont tegen de geboortekrib en waar ik thuiskom, wil ik Lucas heten. In het dagelijks brood opnieuw tot mij te nemen – vanuit een graatmager landschap leerde ik niet bang te zijn voor een vetter seizoen. Of in het afschudden van de wolfsmeneer en nooit weer een prooi acteren, zijn streken uit mij te leven. In de dood, door hem een verkeerd reisadvies te geven en niet angstig zijn voor stille polderwegen. Maar ook in kleine dingen, zoals het opdoeken van mijn berenverzameling; ik spaarde ze vooral in het schemerdonker, of als ik iets niet dacht te kunnen, zoals een lampje verwisselen, een band plakken, mijzelf lijmen na een onhebbelijk oordeel. Waar ik nooit heldhaftig in ben geweest: het verdragen van al dat geraas en getier, van men die het altijd beter weet, die de boy uit je willen halen en je ongevraagd naar hun schepping willen vormen, je wanstaltig noemen. Nee, niets is moeilijker dan de mens die de ander het menszijn niet gunt, die het blad voor de mond plaatst, terwijl iedereen als ontwerp ter wereld komt en een eindversie nooit definitief, nooit compleet is. Het is natuurlijk interessant dat het enige hij/hem in het gedicht terugslaat op de dood, terwijl er ook nog een bezittelijk voornaamwoord zijn is voor de ‘wolfsmeneer’; en dat de anonieme horde het moet doen met een men dat eerst een enkelvoudig (weet) en dan een meervoudig (willen, noemen) predicaat krijgt. En het is natuurlijk ook mooi en veelzeggend dat in de laatste regel geen persoonlijk voornaamwoord meer voorkomt, en alleen het betrekkelijk voornaamwoord die. Maar het treffendst is wel dat het ik uit het eerste deel van het gedicht omslaat in je zodra het gaat om zaken waar hij niet heldhaftig in is geweest. Het geraas en getier ontneemt hem zijn identiteit, en hij verwordt tot een onpersoonlijk (‘voetballers’-)je. Zelden is er zo’n schrijnend je gedicht geschreven. Wie Vrij van beren leest, kan niet meer zeggen dat voornaamwoorden er niet toe doen. Meer over pronomina in de lyriek, waarvan ook op Sargasso verschenen.

Door: Foto: Marieke Rijneveld (zelfportret), CC BY-SA 4.0 , via Wikimedia Commons.

Closing Time | Rich

Leeds Calling. Vroeger had je dichters, die schreven. En je had bandjes, die speelden en zongen. Later waren daar de beatpoets, en de spoken word popdichters, zoals John Cooper Clark, Anne Clark en Ton Lebbink, die hun gedichten ritmisch brachten op het podium, soms met muziek, soms zonder.  En op de een of andere manier zijn die twee genres in elkaar overgelopen. Er zijn nu in Engeland steeds meer bandjes waarvan de zanger zijn teksten pratend, in plaats van zingend dus, brengt: Sprechgesang.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: виталий туманов (cc)

Dichterbij Donbas

RECENSIE - Wat weten we eigenlijk van de situatie in de oostelijke provincies van Oekraïne, Donetsk en Loehansk? In aanvulling op de spaarzame berichten die we in de kranten kunnen vinden over deze oorlogsgebieden heeft Ardy Beld een bundel verhalen samengesteld over de actuele situatie in de Volksrepublieken, de oorlog die er sinds 2014 woedt en een aantal hoofdrolspelers. Ook zijn verslagen opgenomen van de gesprekken  die hij in het afgelopen jaar heeft gevoerd en waarvan er ook enkele eerder door Sargasso zijn gepubliceerd. Donbas, verscheurd tussen Oekraïne en Rusland biedt achtergronden en inside-informatie uit een gebied dat dezer dagen opnieuw in de actualiteit staat.

Uitschot

Een van de mensen met wie Beld gesproken heeft is de kunstenaar Sergej Zacharov die oorspronkelijk in Donetsk woonde. Hij maakte in 2014 levensgrote karikaturen van de nieuwe machthebbers en zette ze op straat te kijk. Daarvoor heeft hij moeten boeten met opsluiting en marteling in een van de gevangenissen van de separatisten. De gevangenisbewaarders voerden schijnexecuties uit. ‘Een heel gevaarlijke situatie ontstond toen een ladderzatte man zijn pistool tegen mijn voorhoofd zette’. Zacharov wist met behulp zijn vriendin te ontsnappen. Over op de separatistenleiders en hun handlangers zegt hij nu: ‘Het uitschot maakte duizelingwekkende carrières.’

Foto: Mike Licht (cc)

Kunst op Zondag | Tot op het bot

Fileer de mens tot op het bot en wat blijkt? Iedereen is gelijk!

In het diepst van ons wezen zijn we knekels. Doodsaai, dus verzinnen we er van alles omheen. Zelfs ons verzincentrum is bot. We nemen een kijkje in knekel- en curiosakabinetten en bij hedendaagse osteologische kunstenaars.

In de late Middeleeuwen was de dodendans een poosje een trendy thema in de kunst. Vermoedelijk was de pandemische pest aanleiding. De pest trof iedereen, oud, jong, arm, rijk. Men werd zich scherp bewust van de vanitasgedachte. Kom daar vandaag nog maar eens om.

Michael Wolgemut (1434-1519), Danse Macabre, 1463.
Flickr CC BY 2.0 Iburiedpaul C008 3897 The Dance of Death (1493) by the German painter Michael Wolgemut

De in Brussel geboren arts en anatoom Andries van Wesel (in Latijn Andrea Vesalius) wordt gezien als een van de eerste wetenschappers die de menselijke anatomie in kaart bracht. In deel 1 van zijn ‘De humani corporis fabrica libri septem’ (Zeven boeken over de bouw van het menselijk lichaam) behandelde hij het skelet. Vesalius maakte zelf een aantal gravures van skeletten in diverse poses.

Andreas Vesalius (1514 – 1564), Biddend skelet, 1723.
Flickr CC BY-SA 2.0 University of Liverpool Faculty of Health and Life Sciences Skeleton from French anatomical engraving

En wie was de maker van de eerste röntgenfoto van een roker?

Vincent van Gogh (1853 – 1890).
Flickr CC BY-SA 2.0 Niels Kop van een skelet met brandende sigaret, Vincent van Gogh (1886)

Kun je zelfkennis opdoen door een skelet te bestuderen?

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Quote du Jour | Dood door ongelijkheid

Inequality contributes to the deaths of at least 21,300 people each day—or one person every four seconds.

Aldus een nieuw rapport van Oxfam. Extreme ongelijkheid is een vorm van ‘economisch geweld’: beleidskeuzes die structureel de rijkste en machtigste mensen bevoordelen veroorzaken direct leed voor een grote meerderheid van mensen wereldwijd, aldus de onderzoekers, die de schade door ongelijkheid wilden uitdrukken in harde cijfers. Dood door ongelijkheid ontstaat onder meer door honger, slechte toegang tot gezondheidszorg, gender-gebaseerd geweld en de klimaatcrisis.

Duitsland lanceert noodprogramma voor CO2-reductie

ANALYSE - Geconfronteerd met een “drastische achterstand” in het verminderen van de uitstoot van broeikasgasen achtergelaten door de vorige regering en met onvoldoende maatregelen om de klimaatdoelstellingen voor 2030 te halen, heeft de nieuwe minister van economie en klimaat, Robert Habeck, klimaatnoodprogramma’s gelanceerd die snel effect moeten hebben. De minister van de Groenen wil de groei van hernieuwbare energie versnellen – vooral wind op land -, evenals de decarbonisatie van de industrie en de elektrificatie van transport en verwarming. Mensen duidelijk maken dat drastische veranderingen moeten worden geaccepteerd voor het welzijn van de samenleving is slechts een van de vele moeilijke taken, zei Habeck, eraan toevoegend dat het land ondanks dit alles een “enorme kans” kreeg.

Doelstelling Duitsland

De nieuwe regering van Duitsland is van plan een enorme impuls te geven aan hernieuwbare energie om de “enorme, gigantische” taak aan te pakken om de industrie, mobiliteit en verwarming koolstofarm te maken. Dat is nodig om de doelstellingen voor de vermindering van de broeikasgassen aan het einde van het decennium te bereiken, kondigde minister van economie en klimaat, Robert Habeck, in Berlijn aan.

Zoals het er nu uitziet, haalt Duitsland zijn emissiereductiedoelstellingen in 2021 en 2022 niet en stevent het er op af om het streefdoel voor 2030 met 15 procent te missen, zei Habeck (Groene Partij) tijdens een eerste inventarisatie en presentatie van toekomstige beleidsmaatregelen .

Foto: Smythe Richbourg (cc)

Rutte IV graait in gemeentekas

ANALYSE - Een gastbijdrage van David Rietveld.

Het gemeentefonds is voor gemeenten de belangrijkste bron van inkomsten, onder andere omdat gemeenten zelf nauwelijks belasting mogen heffen. En de startnota is de financiële vertaling van het regeerakkoord. Daar zitten namelijk toch wel wat opvallende dingen in, zeker als het over het gemeentefonds gaat.

Startnota kabinet Rutte IV tabel 19 gemeentefonds

Allereerst valt de reeks voor het gemeentefonds zelf op. Die loopt niet op, maar af. In 2026 krijgen de gemeenten veel minder dan nu. Dat is gek, want de afgelopen jaren hebben we vooral gehoord over financiële problemen bij gemeenten. Medio vorig jaar stuurde Minister Ollongren nog het rapport ‘Gemeenten in de knel’ naar de Kamer. Conclusie uit dat rapport was dat gemeenten investeringen uitstellen en voorzieningen sluiten door tekorten. Dit leidt volgens het rapport ’tot een sluipende uitholling van het gemeentelijke voorzieningenniveau’.

Belangrijke boosdoeners voor het feit dat gemeenten in de knel zitten zijn de opschalingskorting en de tekorten jeugdzorg, maar eerst iets over het ‘accres’. Dit zegt de startnota erover:

De jaarlijkse indexatie van het Gemeentefonds, Provinciefonds en Btw-compensatiefonds heet het accres. Dit accres is bij het coalitieakkoord tot en met 2025 grotendeels berekend op basis van de bestaande afspraken. Dit wil zeggen dat de stijging van de rijksuitgaven ook leidt tot een hogere algemene uitkering aan gemeenten en provincies. Voor 2026 en verder is het accres niet berekend, maar vastgezet op een plus van 1 miljard euro ten opzichte van de stand bij miljoenennota 2022.

Bestel je boeken bij Bazarow

Bazarow is een verkopende boekensite, waar je ook recensies, nieuws, een agenda en een digitaal magazine kan vinden. Nog niet alles is af, maar veel boeken zijn al te vinden en er komt de komende maanden steeds meer bij.

Het doel van Bazarow is om een site te vormen die evenveel gemak biedt als de online giganten maar die wél teruggeeft aan de boekensector. Tegen roofkapitalisme, en voor teruggeefkapitalisme, bijvoorbeeld door te zorgen dat een flink deel van de opbrengst terug naar de sector gaat en door boekhandels te steunen.

Closing Time | Riptide

Sarah Assbring (El Perro del Mar) en Jacob Haage maakten de muziek voor Riptide, een moderne dansvoorstelling van choreograaf Hlín Hjálmarsdóttir voor het Koninklijk Zweeds Ballet. Ook zonder dans erbij is het een mooi album – het best te beschrijven als donkere ambient (er komt geloof ik geen orkest aan te pas, maar veel informatie kan ik er niet over vinden). De dansvoorstelling was vanwege de pandemie opgenomen en kun je hieronder in zijn geheel terugkijken. Mocht daar iets mis mee gaan, dan kan dat hier ook.

Closing Time | Laurel Halo

Laurel Halo maakt boeiende muziek, maar meestal zingt ze erbij en hoewel ik het regelmatig toch weer probeer trek ik dat niet zo goed. Ik denk niet dat ze het per se erg zou vinden als mensen dat zeggen over haar zang – in een interview over haar debuutalbum Quarantine (2012) zegt ze: “It was tempting to use autotune but I decided against it because there’s this brutal, sensual ugliness in the vocals uncorrected, and painfully human vocals made sense for this record.” Maar gelukkig voor mij maakte Halo ook een mini-album waarop ze niet zingt, Raw Silk Uncut Wood (2018), dat ook qua stijl (ambient) wat afwijkt van haar andere albums, maar daardoor niet minder boeiend is.

Closing Time | Vessel

Vessel (niet te verwarren met Vessels) is weer zo’n artiest wiens muziek niet goed te beschrijven is. Ja goed, je kunt het elektronisch en experimenteel noemen (zoals ik hier vaak doe) maar dan weet je nog geen zak. En het ene nummer is weer heel anders dan het andere dat weer compleet niet strookt met weer andere nummers, wat een luisteraar van Closing Times compleet op het verkeerde been kan zetten. Zijn albums zijn in elk geval niet saai – de meest onderscheidende nummers zijn druk en raar en irriteren. Het nummer ‘Paplu (Love That Moves the Sun)’ staat op Vessels derde album, Queen of Golden Dogs (2018).

Volgende